Vogel
Witkuifgaailijster
Witkuifgaailijster
Garrulax leucolophus
Log in om deze soort toe te voegenDe Witkuifgaailijster behoort tot het geslacht Garrulax binnen de familie van Leiothrichidae (Leiothrichidae).
Deze vogel komt voor in de Himalaya en Indochina, waar hij leeft in bossen en secundaire bossen, vaak met bamboe. Hij is sociaal en luidruchtig, leeft in groepen en foerageert vooral op de grond, waar hij insecten, vruchten en zaden zoekt. Zijn gedrag omvat veel bellen en koo-roepen tijdens gezamenlijke activiteit.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Lijstergaaien en struiklijsters (Leiothrichidae)
- Bird Genus
- Garrulax
Ringmaat
Man 6.0 mm Vrouw 6.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Man:
De man heeft een opvallende witte kuif die contrasterend afsteekt tegen de donkere kop. De nek en borst zijn grijsbruin, met een subtiele glans die bij fel licht zichtbaar is. De vleugels zijn donkerder met lichte randen, wat een versleten indruk kan geven. De buik is lichter van kleur, met een zachte overgang naar de flanken. De snavel is stevig en zwart, zonder zichtbare was. De poten zijn donkergrijs en hebben een gladde structuur. De iris is helderbruin, omringd door een dunne, lichte oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbare witte kuif als de man, maar iets minder prominent. Haar kop is donkerbruin, met een subtiele overgang naar de grijsbruine nek. De borst en buik zijn iets lichter dan bij de man, met een matte afwerking. De vleugels hebben dezelfde donkere tint, maar de lichte randen zijn minder uitgesproken. De snavel is slanker en eveneens zwart, zonder was. De poten zijn donkergrijs, met een iets ruwere textuur. De iris is lichtbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een minder uitgesproken kuif, die vaak korter en minder wit is. De kop is donkerbruin, met een vage grijsachtige tint op de nek. De borst en buik zijn lichter, met een meer uniforme bruine kleur. De vleugels zijn donker, maar de lichte randen zijn breder en duidelijker zichtbaar. De snavel is donkergrijs en iets korter dan bij volwassenen. De poten zijn lichtgrijs en hebben een gladde structuur. De iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, grijsbruine donslaag. Hun snavel en poten zijn lichtgrijs van kleur.