Zwartwangdwergpapegaai

Agapornis nigrigenis

Log in om deze soort toe te voegen

De Zwartwangdwergpapegaai (synoniem: Agapornis) behoort tot het geslacht Agapornis binnen de familie van Papegaaien (Psittaculidae).

Deze kleine kleurrijke dwergpapegaai leeft in het struikgewas en savannegebied van Zambia, vooral langs de Zambezi-rivier. Ze vormen vaak kleine groepen, zoeken gezamenlijk naar voedsel en broeden in boomholtes. Het zijn sociale en actieve vogels die zich veel bewegen en contact houden door geluiden.

Zwartwangdwergpapegaai
Black-cheeked Lovebird
Schwarzgesicht-Liebesvogel.
Ins�parable � joues noires.

Taxonomische indeling

Bird Order
Papegaaiachtigen (Psittaciformes)
Bird Family
Papegaaien van de Oude Wereld (Psittaculidae)
Bird Genus
Agapornis

Ringmaat

Man 4.0 mm Vrouw 4.0 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Deze vogelsoort wordt wereldwijd beschouwd als een (bijna) bedreigde soort in het oorspronkelijke leefgebied, of de handel in deze soort kan hiertoe leiden. 
Deze soort staat daarom op Bijlage B van de Europese Verordening en CITES appendix II. 

Binnen de avicultuur (in volière-milieu) mag deze soort alleen worden gehouden, gefokt of verhandeld als de legale herkomst kan worden aangetoond. De lidstaten aangesloten bij het CITES-verdrag (Convention on International Trade in Endangered Species of wild flora and fauna) hebben internationale regels opgesteld die het houden, fokken en verhandelen van deze dieren onder strikte voorwaarden mogelijk maakt. 

In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.

De houder de dient legale herkomst van de vogel aan te tonen:

  • De vogel is voorzien van een uniek merkteken. In het geval van vogels is dit een naadloos gesloten pootring die bij een volwassen vogel niet meer van de poot kan worden verwijderd.
  • Bij elke overdracht dient een herkomstverklaring/ overdrachtsverklaring te worden opgemaakt en ondertekend door de afgevende en ontvangende partij.
  • Let op: bij controle dienen ook gegevens van de ouderdieren én grootouderdieren getoond te kunnen worden.  

Ingelogd als lid? Klik op het > symbool achter de wetgevingnaam voor de volledige tekst. Nog geen lid en benieuwd naar het volledige artikel en meer? Word dan lid van Aviornis!

Man:
De man heeft een helder groene lichaamskleur met een opvallende oranje keel en borst. De kop is donkerder groen, bijna olijfkleurig, met een zwarte teugel die een scherp contrast vormt. De vleugels zijn iets donkerder met een subtiele blauwe schijn aan de uiteinden. De staartveren zijn groen met een blauwe ondertoon en een zwarte band aan de uiteinden. De snavel is felrood en glanzend, wat opvalt tegen de donkere kop. De poten zijn grijs met een gladde textuur. De iris is bruin met een smalle witte oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar de kleuren zijn iets doffer. De oranje keel en borst zijn minder intens, met een meer gele ondertoon. De kop is minder olijfkleurig en neigt meer naar een uniforme groene tint. De vleugels hebben minder blauwe schijn, waardoor ze meer in lijn zijn met de rest van het lichaam. De snavel is iets minder felrood, maar behoudt zijn glans. De poten zijn eveneens grijs, maar met een iets ruwere structuur. De iris en oogring zijn identiek aan die van de man.

Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend groen verenkleed met een minder uitgesproken oranje keel. De kop is egaler groen zonder de donkere teugel van de volwassen vogels. De vleugels zijn dof groen zonder de blauwe schijn van de volwassenen. De staart heeft een minder duidelijke zwarte band en is meer uniform groen. De snavel is oranjeachtig in plaats van felrood, met een matte afwerking. De poten zijn lichter grijs en voelen zachter aan. De iris is donkerder, bijna zwart, met een nauwelijks zichtbare oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag donzige, gele veren. De snavel is bleekgeel en nog niet volledig ontwikkeld.